NBD Home › Thema's ›

VERLICHTING

WELKOM BIJ VERLICHTING 

Het toepassen van verlichting begint bij kennis van termen als verlichtingssterkte, lichtsterkte, kleurtemperatuur en lichtstroom. Daar beginnen we deze themapagina mee. Voor projecten worden verlichtingsplannen opgesteld, wat hier allemaal bij komt kijken komt ook aan bod. De wettelijke maar ook de praktische randvoorwaarden worden besproken.

 
Met de lampsoorten en armatuursoorten wordt een overzicht gegeven van mogelijkheden in design en functionaliteit, waarmee lichtplannen uiteindelijke gestalte krijgen. Noodverlichting is daarin vaak een zelfstandig onderdeel en wordt daarom overzichtelijk op zichzelf staand behandeld. 

TERMINOLOGIE VERLICHTING 

Binnen de wereld van verlichting wordt een veelheid aan grootheden en eenheden gebruikt. Om enig inzicht in verlichting te krijgen, leggen we hier de belangrijkste uit.
 

Kleurtemperatuur
Wanneer je naar een wit voorwerp kijkt, zul je denken dat het overal even wit is, onze hersenen regelen dat. In werkelijkheid zal de witte kleur binnen iets geler zijn en buiten iets blauwer. Dat komt omdat elke lichtbron zijn eigen kleurtemperatuur heeft, hier het verschil tussen zonlicht en een lamp. De kleurtemperatuur van een lichtbron wordt uitgedrukt in kelvin en staat voor de temperatuur dat ijzer heeft, dat door verhitting licht geeft. Bij matige verhitting, 3.200 K, geeft het oranje licht, maar als het heter wordt veranderd die kleur in wit, 5.600 K. Dat is de kleurtemperatuur van daglicht. Als het ijzer nog heter wordt, geeft het blauw licht.

 
kleurtemperatuur zon  

De reden dat ijzer hiervoor gebruikt wordt, is dat de lichtkleur bij verhitting overeenkomt met de lichtkleur die de sterren en de zon geven. Dit zijn tenslotte ook ijzeren lichamen die vanbinnenuit verhit worden en daardoor licht afgeven.

 
Lichtstroom, Φ
Met lumen, lm, wordt de hoeveelheid uitgezonden licht aangegeven. De lichtstroom van een lichtbron wordt bepaald door het vermogen, lm/Watt, en van de kleur van het licht. 

 
Lichtsterkte, I
De lichtsterkte is de in een bepaalde richting uitgestraalde lichtstroom en wordt in candela, cd, uitgedrukt. De lichtstroom en de lichtsterkte verhouden zich met elkaar door de ruimtehoek ω, die is bepalend voor hoe groot een voorwerp er vanaf de lichtbron gemeten uit ziet:


I [cd] = Φ [lm] / ω

 
Verlichtingssterkte, E
De verlichtingssterkte E wordt in lux uitgedrukt. De relatie tussen I, lichtsterkte, en E, verlichtingssterkte wordt bepaald door de afstand (r) tot het te verlichten voorwerp of het oppervlak (A):


Epunt [lx] = I [cd] / r2 [m]      of      Egemiddeld [lx] = I [cd] / A [m2]
HET LICHTPLAN EN DE RANDVOORWAARDEN 

In de meeste woningen waar mensen gaan wonen, zijn door de installateur vaste aansluitpunten voor verlichting. Deze zijn afgestemd op de mogelijke indeling van een huis. Als een woning door een architect echt op de specifieke ruimte-indeling en interieurwensen van toekomstige bewoners wordt afgestemd, sluiten de aansluitpunten hierop aan. Zodra een gebouw een utillitaire of industriële bestemming krijgt, zoals een school, winkel, horeca, kantoor of fabriek, wordt een verlichtingsplan opgesteld.

 
PVC dak  
 
Verlichtingsplan
In de utiliteitsbouw wordt vaak een apart lichtplan opgesteld. De uitgangspunten hiervoor komen tot stand na overleg door de toekomstige gebruikers, de ontwerpers, de opdrachtgever en een adviseur en hebben betrekking op het soort werkzaamheden, de inrichting, bouwkundige en werktuigbouwkundige aspecten, voorschriften, onderhoud, energieverbruik en het beschikbare budget.

 
Soort werkzaamheden
Hoeveel licht je in een ruimte nodig hebt, hangt af van de werkzaamheden. Voor een operatie heb je ander licht nodig dan voor het drinken van een drankje. Het is dus van belang om de verlichtingssterkte vast te leggen, die op vlakken of voorwerpen moet vallen, zie Terminologie Verlichting. De verlichtingssterkte speelt een rol bij de keuze van het soort en het aantal armaturen.

 
Inrichting
 

PVC dak  

De plaats en het soort armaturen hangt nauw samen met de inrichting van een gebouw. Daarom zullen deze vaak door de architect gekozen en geïntegreerd worden. Bouwkundige randvoorwaarden, de plaats en grootte van kozijnen, bepalen de uitgangspunten voor de inrichting. De plaats van (tijdelijke) binnenwanden, de kleur en textuur van wanden, vloeren en plafonds en de al dan niet vaste plaats van meubilair zijn allemaal van invloed op het verlichtingsplan. De samenhang van al deze factoren, gecombineerd met het feit dat sfeerverlichting en accentverlichting met functionele verlichting samen kunnen vallen, kan de architect zich laten bijstaan door een lichtadviseur. 

 
Bouwkundige aspecten
Naast dat de positie en grootte van kozijnen van invloed zijn op welke lichtbronnen er aanvullend moeten worden geplaatst, kunnen ramen ook voor verblinding zorgen.
Ook speelt de overgang tussen brandcompartimenten en geluidcompartimenten een grote rol. Deze moeten in elk onderdeel van de constructie met dezelfde eisen van elkaar gescheiden worden. Als er armaturen in brandwerende of geluidwerende/geluidabsorberende plafonds moeten worden geplaatst, zijn er extra maatregelen nodig. Daarnaast is het van belang dat inbouwarmaturen zelf niet voor brandgevaar zorgen. Daarvoor moeten ze voldoende ruimte krijgen om ingebouwd te worden. Plafondsystemen die werken met moduulmaten bepalen ook de afmetingen van inbouwarmaturen.

 
Werktuigbouwkundige aspecten
Boven het plafond moeten alle armaturen, naast luchtkanalen en cv-leidingen voldoende ruimte hebben. Als luchtverversing met de inbouwarmaturen gecombineerd wordt zijn voorzieningen als een plenum, luchtafvoerkappen en/of luchttoevoercassettes noodzakelijk.

 
Onderhoud van de installatie

 
PVC dak  

Armaturen moeten schoongemaakt kunnen worden. Daarnaast moeten lampen, starters, voorschakelapparaten en trafo's vervangen kunnen worden. Als er sprake is van een verlaagd plafond, zal deze toegankelijk moeten zijn door het uitnemen van plafondplaten of via luiken. Als het om veel lampen gaat, loont het de moeite om een 'groepsremplace' te berekenen, waarbij in één werkgang alle lampen worden vervangen.

 
Energieverbruik
Spaarzaam omspringen met onze energiebronnen, en daarmee met onze eigen portomonnee, staat tegenwoordig vanzelfsprekend hoog op de agenda. Het energieverbruik door verlichting is terug te dringen door met de volgende factoren te werken:

  • Maak gebruik van het aanwezige daglicht. Daglicht-afhankelijke stuursystemen in combinatie met dimmers en aanwezigheidsensoren maken benutting van daglicht optimaal mogelijk;
  • Het benodigde elektrische vermogen kan laag gehouden worden door energiezuinige lampen te kiezen, spiegelroosters in de armaturen ervoor laten zorgen dat het licht op de juiste plaats valt, het aantal lampen in een ruimte waar het kan te verminderen en lichte kleuren te kiezen voor wanden, vloeren en plafonds, zodat reflectie ook bijdraagt aan de hoeveelheid licht;
  • Het gebruik van de verlichting is een taak voor de gebruiker. Wel kan de gebruiker daarin ondersteund worden door onafhankelijke schakelsystemen per lichtgroep, aanwezigheidsensoren, schemerschakelaars en door het verlichtingsysteem te koppelen aan het gebouwbeheersysteem.

 
Budget
Het spreekt vanzelf, dat als de bouwkundige -, werktuigbouwkundige -, interieuraspecten in het lichtplan zorgvuldig op elkaar afgestemd worden, het mogelijk is om de investeringskosten voor verlichting in de hand te houden. Daarnaast loont het de moeite om subsidies voor energiezuinige installaties te onderzoeken.

 
Bron: Jellema Hogere Bouwkunde deel 6, Installaties A elektrotechnisch en sanitair 

NOODVERLICHTING en BUITENVERLICHTING 

NOODVERLICHTING
Wanneer er brand uitbreekt in een gebouw waarin veel mensen aanwezig zijn is een veilige evacuatie van belang. Als de verlichting uitvalt kan paniek ontstaan en is alleen een ontruimingsplan niet voldoende. Hiervoor worden noodverlichtingsinstallaties ingesteld, die aangaan wanneer de spanning wegvalt. Deze noodverlichting moet ten minste 60 minuten kunnen blijven branden.

 
Noodverlichtingsarmaturen
Er zijn twee belangrijke groepen noodverlichtingsarmaturen:

  • Centrale noodverlichtingsarmaturen zorgen ervoor dat bij het wegvallen van de netspanning de centrale noodverlichtingsunit automatisch de voeding overneemt van de (nood)verlichtingsarmaturen;
  • Decentrale noodverlichtingsarmaturen zijn armaturen met ingebouwde oplaadbare batterijen. Bij het wegvallen van de netspanning schakelen deze batterijen automatisch in. Deze batterijen zijn rechtstreeks aangesloten op de 230 V netspanning waardoor ze constant opgeladen zijn. Om esthetische redenen is het ook mogelijk de noodverlichtingsunits (batterijen) in te bouwen in de verlichtingsarmaturen voor normaal gebruik.

 
Een noodstroomaggregaat kan de normale verlichting van stroom voorzien bij het wegvallen van de spanning. Op deze manier functioneert de normale verlichting als noodverlichting.

 
Toepassingen van noodverlichting
Noodverlichting kan twee doeleinden hebben. Ten eerste kan het dienen als vervangingsverlichting, waardoor de normale werkzaamheden door kunnen gaan. Economische afwegingen spelen hierbij een rol. Nood-evacuatieverlichting is gericht op de veiligheid bij ontruiming van een gebouw.

Drie toepassingsgebieden van nood-evacuatieverlichting:
1. Vluchtrouteverlichting bestaat uit vluchtwegaanduiding en vluchtwegverlichting. Bij vluchtwegverlichting geldt een minimale lichtsterkte van 1 lux op de vloer voor veilig gebruik. Vluchtwegaanduiding geeft de kortst mogelijke vluchtweg aan door middel van de groen-witte pictogrammen. Vluchtrouteverlichting moet worden toegepast bij:
  • elke uitgang die bedoeld is als nooduitgang;
  • elk niveauverschil , zoals trappen en hellingbanen;
  • elke richtingsverandering of kruising van de route;
  • de buitenzijde van elke uitgang naar buiten;
  • elke handbrandmelder, brandbestrijdingsmiddel of EHBO-post.
2. Antipaniekverlichting is bedoeld om voldoende licht te creëren in grote ruimtes zodat de vluchtroute veilig bereikt kan worden. Hiervoor is minimaal 0,5 lux nodig.
3. Verlichting bij risicovolle werkplekken is nodig wanneer direct gevaar voor de werknemer dreigt bij het uitvallen van de verlichting door een spanningsuitval. Als noodverlichting voor deze werkplekken is een minimale verlichtingssterkte van 15 lux vereist.

PVC dak  
 
Bouwbesluit
Toelichting bij § 2.8.1. Nieuwbouw
Noodverlichting, waarvan de verlichtingssterkte op vloerniveau 1 lx moet zijn en binnen 15 seconden na het uitvallen van de stroom in werking moet treden, is voorgeschreven voor:

  • een vloer van een verblijfsruimte van een niet tot bewoning bestemde gebruiksfunctie, met uitzondering van een lichte industriefunctie en een overige gebruiksfunctie, als de vloer van de verblijfsruimte groter is dan:
    • 60 m2 bij bezettingsgraadklasse B1;
    • 150 m2 bij bezettingsgraadklasse B2;
    • 375 m2 bij bezettingsgraadklasse B3;
    • 900 m2 bij bezettingsgraadklasse B4;
    • veel groter dan 900 m2 bij bezettingsgraadklasse B5;
  • een beneden maaiveld gelegen station;
  • een beneden maaiveld gelegen stallinggarage met een GO > 500 m2;
  • een besloten ruimte van een niet tot bewoning bestemde gebruiksfunctie waardoor een rookvrije vluchtroute voert;
  • een wegtunnel met een tunnellengte > 250 m;
  • een liftkooi.

 
Noodverlichting waarvan de verlichtingssterkte op vloerniveau 10 lx moet zijn en binnen 5 seconden na het uitvallen van de stroom in werking moet treden, is voorgeschreven voor:

  • een ruimte waarin een hoofdschakel- en verdeelinrichting is opgesteld;
  • een ruimte waarin een schakel- en verdeelinrichting voor een noodstroomvoorziening is opgesteld;
  • een liftmachinekamer;
  • een regieruimte;
  • een projectieafdeling.

 
Is noodverlichting voorgeschreven dan moet deze na het uitvallen van de stroom, gedurende ten minste 60 minuten, de vereiste verlichtingssterkte geven.

 
Toelichting bij § 2.8.2. Bestaande bouw
Noodverlichting, waarvan de verlichtingssterkte op vloerniveau 1 lx moet zijn en binnen 15 seconden na het uitvallen van de stroom in werking moet treden, is voorgeschreven voor:

  • een vloer van een verblijfsruimte van een niet tot bewoning bestemde gebruiksfunctie als de vloer van de verblijfsruimte groter is dan:
    • 200 m2 voor een bijeenkomstfunctie voor het aanschouwen van sport;
    • 500 m2 voor een andere bijeenkomstfunctie en voor een onderwijsfunctie;
    • 600 m2 voor een ruimte voor bezoekers van een celfunctie;
    • 1.200 m2 voor een gezondheidszorgfunctie, een kantoorfunctie en een logiesfunctie;
  • een beneden maaiveld gelegen station;
  • een besloten ruimte van een niet tot bewoning bestemde gebruiksfunctie waardoor een rookvrije vluchtroute voert;
  • een wegtunnel met een tunnellengte > 250 m;
  • een liftkooi voor een celfunctie, niet zijnde een voor bezoekers bestemde ruimte.

 
Noodverlichting waarvan de verlichtingssterkte op vloerniveau 3 10 lx moet zijn en binnen 5 seconden na het uitvallen van de stroom in werking moet treden, is voorgeschreven voor:

  • een ruimte waarin een hoofdschakel- en verdeelinrichting is opgesteld;
  • een ruimte waarin een schakel- en verdeelinrichting voor een noodstroomvoorziening is opgesteld;
  • een liftmachinekamer;
  • een regieruimte;
  • een projectieafdeling.

 
Is noodverlichting voorgeschreven, dan moet deze na het uitvallen van de stroom, gedurende ten minste 60 minuten, de vereiste verlichtingssterkte geven.

 
BUITENVERLICHTING 

PVC dak  

In openbare gebieden die ’s nachts voor publiek toegankelijk zijn, privéterreinen zoals tuinen en patio’s, uithangborden, reclameborden of voor de sfeer wordt buitenverlichting gebruikt. De verlichtingsarmaturen die buiten worden gebruikt staan bloot aan wind en regen en moeten in veel gevallen ook bestand zijn tegen vandalisme of mechanische belastingen.

 
Verlichtingsarmaturen
De LED-technologie wordt tegenwoordig veel gebruikt in tuinverlichting, in combinatie met een 12 Volt zonnecel. Steeds meer spots met LED-verlichting worden ontwikkeld, maar het komt ook voor in lichtslangen en -netten, zoals de welbekende kerstverlichting. LED-verlichting heeft een laag energieverbruik.

 
PVC dak  

 
Lantaarns zijn er in allerlei maten en uitvoeringen. Zo zijn er staande lantaarns, wandlantaarns en hangende lantaarns. De bekendste is de straatlantaarn, vaak een gasontstekingslamp, maar denk ook aan een decoratieve lantaarn aan de gevel van uw tuinhuis, waar of halogeen- of spaarlampen in zitten.

 
Spots zijn accentverlichting die om esthetische- of veiligheidsredenen gebruikt kunnen worden en gebruiken vaak halogeenlampen en LED-verlichting.  

 
Toepassingen
De functie van buitenverlichting dient zowel het veiligheidsaspect, communicatieve als esthetische doelen:

  • Veiligheid van personen of goederen kan worden bevorderd door de zichtbaarheid ’s nachts te verbeteren. Hierbij kan verlichting dienen als extra middel tegen inbraak, zoals bij een armatuur met bewegingssensor. Een goed verlicht gebied is overzichtelijker en voelt veiliger aan. Buitenverlichting kan ook worden toegepast als signalering en verlichting van mogelijk gevaarlijke situaties in verkeersruimten of openbare ruimten;
  • Communicatie door middel van verlichting wordt vaak gebruikt voor reclamedoeleinden zoals billboards of bedrijfsnamen en –logo’s door middel van lichtbakken, neonletters, lichtkranten of lcd- en plasmaschermen. Deze lenen zich ook goed voor informatieve doeleinden;
  • Sfeerverlichting is veelal terug te vinden in woningen of woongebouwen, waarbij de tuin, oprijlaan, gevel of zwembad verlicht wordt.

 
PVC dak

BOUWBESLUIT, NEN 1010, NEN 1891, ARBO 

BOUWBESLUIT
Afdeling 2.8. Verlichting

Nieuwbouw 2.8.1 Bestaande bouw 2.8.2  
2.56 2.63 Kader (functionele eis)
2.57 2.64  Verlichtingssterkte
2.58  2.65  Stroomvoorziening
2.59  2.66  Noodverlichting
2.60  2.67  Voorziening voor noodstroom
2.61 - Verbouw
2.62  - Tijdelijke bouw
2.3.8   Gebruiksbesluit: Noodverlichtingsinstallaties

 
 
Toelichting bij § 2.8.1. Nieuwbouw
Verlichtingssterkte is voorgeschreven voor:

  • een vloer van een liftkooi;
  • een vloer, trap of hellingbaan van een besloten, rookvrije vluchtroute (over de vereiste breedte), behalve bij een lichte industriefunctie;
  • een vloer van een verblijfsruimte van vrijwel alle niet tot bewoning bestemde gebruiksfuncties;
  • een vloer, trap of hellingbaan van een wegtunnel met een tunnellengte > 250 m; en
  • een vloer, trap of hellingbaan van een voor bezoekers toegankelijke ruimte van een bouwwerk, geen gebouw zijnde (functionele eis).
  • Is verlichtingssterkte voorgeschreven, dan moet deze ten minste 10 lx op de vloer zijn. De vereiste verlichtingssterkte moet in een cel (niet-gemeenschappelijke verblijfsruimte van een celfunctie) 200 lx op de vloer zijn.

 
Toelichting bij § 2.8.2. Bestaande bouw
Voor bestaande bouw is verlichtingssterkte voorgeschreven voor:

  • een vloer van een liftkooi voor een woonfunctie en voor een niet voor bezoekers bestemde celfunctie;
  • een vloer, trap of hellingbaan van een besloten, rookvrije vluchtroute (over de vereiste breedte), behalve bij een lichte industriefunctie;
  • een vloer van een verblijfsruimte van vrijwel alle niet tot bewoning bestemde gebruiksfuncties;
  • een vloer, trap of hellingbaan van een voor bezoekers toegankelijke ruimte van een bouwwerk, geen gebouw zijnde (functionele eis); en
  • een vloer, trap of hellingbaan van een wegtunnel met een tunnellengte > 250 m. 

 
Bron: Bouwregels in de praktijk

 
NEN 1010 
Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties

 
Deze norm is van toepassing op elektrische installaties zoals van:

  • tot bewoning bestemde gebouwen en terreinen;
  • tot zakelijke doeleinden bestemde gebouwen en terreinen;
  • tot openbare doeleinden bestemde gebouwen en terreinen;
  • tot industriële doeleinden bestemde gebouwen en terreinen;
  • ruimten en terreinen bestemd voor landbouw, tuinbouw of veeteelt;
  • geprefabriceerde gebouwen;
  • caravans, campings en soorgelijke terreinen;
  • bouwterreinen, tentoonstellings-, kermis- en andere tijdelijke installaties;
  • jachthavens.

 
Deze norm heeft betrekking op:

  • stroomketens met:
    • een nominale wisselspanning van ten hoogste 1.000 V;
    • een nominale gelijkspanning van ten hoogste 1.500 V;
  • stroomketens, inwendige bedrading van toestellen hierbij niet inbegrepen, met een spanning hoger dan 1.000 V die worden gevoed uit laagspanningsinstallaties met een wisselspanning niet hoger dan 1.000 V. Voorbeelden zijn ontstekingsketens voor gasontladingslampen en elektrostatische filters;
  • leidingen en leidingsystemen waarvoor geen productnormen bestaan;
  • alle verbruiksinstallaties buiten de gebouwen;
  • vaste leidingsystemen voor informatie- en communicatietechnologie, signalering, besturing en soortgelijke toepassingen. Inwendige bedrading van toestellen is hierbij niet inbegrepen;
  • wijzigingen en uitbreidingen van installaties, inclusief delen van de bestaande installatie die door wijzigingen en uitbreidingen worden beïnvloed. Deze norm heeft ook betrekking op bestaande installaties.

 
Deel 7 Bepalingen voor bijzondere installaties, ruimten en terreinen, heeft specifiek betrekking op verlichting:

  • 714 Installaties voor buitenverlichting;
  • 715 Verlichtingsinstallaties met zeer lage spanning.

 
De NPR 5310 is de Nederlandse praktijkrichtlijn bij NEN 1010 en is bedoeld om de installateur een leidraad
voor de praktijk te bieden.

 
NEN 1891
Binnenverlichting - Meetmethoden voor verlichtingssterkten en luminanties 

 
Deze norm geeft uniforme meetmethoden om:

  • vast te stellen of een verlichtingsinstallaties voldoet aan ontwerpspecificaties;
  • om na te gaan of een verlichtingsinstallaties onderhoud, wijziging of vervanging nodig heeft;
  • een technische of economische analyse op te stellen ter vergelijking met andere verlichtingsinstallaties.

 
Deze uniforme meetmethoden voor een verlichtingsinstallatie omvat ten minste:

  • formulering van een meetopdracht en indien toetsing van meetresultaten nodig is, moeten toetsingscriteria geformuleerd worden;
  • uitvoering van het meetprogramma;
  • opstelling van een meetrapport of toetsingsrapport.

 
ARBEIDSOMSTANDIGHEDENBESLUIT
Artikel 6.3 Daglicht en kunstlicht

  1. Arbeidsplaatsen en verbindingswegen zijn zodanig verlicht, dat het aanwezige licht geen risico oplevert voor de veiligheid en gezondheid van werknemers;
  2. Op arbeidsplaatsen komt, voor zover mogelijk, voldoende daglicht binnen en zijn voldoende voorzieningen voor kunstverlichting aanwezig;
  3. De voorzieningen voor kunstverlichting zijn zodanig aangebracht dat gevaar voor ongevallen is voorkomen;
  4. De voor kunstlicht gebruikte kleur mag de waarneming van de veiligheids- en gezondheidssignalering, bepaald bij of krachtens afdeling 2 van hoofdstuk 8, niet wijzigen of beïnvloeden.

 
Commentaar
In dit artikel zijn de bepalingen opgenomen met betrekking tot de verlichting van de arbeidsplaats. Verlichting kan plaatsvinden door daglicht dan wel door kunstlicht. Uitgangspunt is dat op iedere arbeidsplaats daglicht moet kunnen toetreden. Het zal dan ook in het algemeen gaan om een combinatie van beide.

 
In dit artikel is de verplichting voor de werkgever opgenomen om ervoor te zorgen dat arbeidsplaatsen gedurende de aanwezigheid van de werknemers voldoende en doelmatig zijn verlicht.

 
Bron: Arbozone, daar vindt u uitgebreider commentaar.

SOORTEN LAMPEN 

Gloeilampen

1. Gloeilamp
De gloeilamp geeft licht doordat een onder stroom gezette gloeidraad licht uitstraalt. De reden dat de gloeidraad niet verbrand is dat er voor het verbrandingsproces benodigde zuurstof niet aanwezig is. De reden dat het glas niet springt, is de sterke bolvorm waarin het glas geblazen is. 

 
PVC dak  

De gloeidraad produceert meer warmte dan licht. Dat is de reden waarom de EU kiest voor een geleidelijke afschaffing kiest. De traditionele gloeilamp wordt in drie jaar tijd vervangen door nieuwe, efficiëntere soorten lampen: 

  • Volgens de regels die in september 2009 van kracht gingen, mogen producenten en importeurs heldere gloeilampen van 100 watt of meer niet langer in de EU op de markt brengen. Winkels mogen de lampen die zijn in voorraad hebben echter nog wel verkopen;
  • Om nog meer energie te besparen en de klimaatverandering af te remmen, zal dit verbod vanaf september 2011 en 2012 ook gelden voor gloeilampen met een lager wattage. Ook matte gloeilampen en halogeenlampen die veel energie verbruiken, worden geleidelijk afgeschaft.

 
Vervangers van gloeilampen zijn de spaarlampen (gasontladingslamp) of LED lampen.

 
2. Halogeengloeilampen

PVC dak  

De halogeenlamp geeft net als de gloeilamp licht doordat een onder stroom gezette gloeidraad licht uitstraalt. Aan het inerte gas in de glazen ballon is halogeen toegevoegd. Hierdoor bereikt de gloeidraad een hogere temperatuur en straalt witter licht uit en heeft een langere levensduur dan de gloeilamp. Het energieverbruik is daarentegen niet voordeliger en ook de halogeenlampen worden door de EU geleidelijk afgeschaft. 

 
Gasontladingslampen

1. Kwiklampen
Een kwiklamp is een gasontladingslamp die gevuld is met kwikdamp. Door de elektrische spanning komt de damp tot ontlading en geeft ultraviolet licht geeft. De fluorescerende laag aan de binnenzijde zet dit licht om in zichtbaar helder wit licht. Kwiklampen worden daardoor ook wel fluorescentielampen genoemd. De kwiklampen zijn onder te verdelen in lagedruk -, hogedruk - en superhogedruk kwiklampen. 

 

TLD-lampen
De fluorescentielamp wordt ook wel lagedruk kwiklamp genoemd en wordt in de volksmond de TL-lamp of TL-buis genoemd, dat een afkorting is van Tube Luminescent. De technische ontwikkeling hiervan heeft inmiddels tot de TLD-lamp, een dunnere uitvoering van de TL-buis, en de hoogrequente energiezuinige TLD-buis, TLD HF, geleid.

 

TLD-buizen worden veel toegepast. Hun lichtopbrengst is 10 keer hoger dan van de gloeilamp, waarbij ze evenveel energie gebruiken als de gloeilamp. Daarnaast is de levensduur 8 keer hoger voor TLD en tot 12 keer hoger voor TLD HF, vergeleken met de gloeilamp. De hogere aanschafprijs wordt snel terugverdiend

 

Spaarlampen

 
PVC dak

 

De compacte fluorescentielamp is beter bekend als de spaarlamp. In de techniek achter deze lampen gaat een grote ontwikkeling schuil op het gebied van compactheid, efficiënte voorschakelapparatuur en warmtehuishouding. Een belangrijke doorbraak is de toepassing van tri-fosfors, die meer licht vrijgeven in nauwe banden van het zichbaar spectrum. Spaarlampen zijn mogelijk dimbaar. 

 
2. Natriumlampen

PVC dak

 

Natrium is bij kamertemperatuur een vaste stof is en heeft een lage dampdruk. Door een vulling van neongas gebruiken wordt de lamp opgestart. Daardoor geeft de lamp na het starten eerst een roodachtig licht. Pas als hij genoeg opgewarmd is om het natrium te laten verdampen zal de volle lichtsterkte bereikt worden. Het 'boor-glas' verdraagt het zeer agressieve natrium en blijft lichtdoorlatend.

 

Verder is een voorziening nodig om een hoge startspanning te kunnen leveren voor het ontsteken van de lamp. Soms gebeurt dat met een starter, anders levert het voorschakelapparaat zelf de benodigde startspanning. Door de ontwikkeling van lichtdoorlatend keramisch materiaal en speciale afdichtings- en fabricagetechnieken zijn  hogedruk natriumlampen ontwikkeld.

 
PVC dak  

 

De natriumlampen zijn onder te verdelen in lagedruk -, hogedruk - en superhogedruk. De lagedruk natriumlampen geven geel licht, de hogedruk natriumlampen geel-oranje licht. De superhogedruk natriumlamp geeft de kleuren wel goed weer.

 

Menglichtlampen

In een menglicht lamp worden de hogedruk kwiklamp en gloeilamp gecombineerd. De gasontlading vindt daarbij plaats binnen de glas- of kwartsballon van de gloeilamp en de stroom wordt begrensd door de in serie geschakelde gloeidraad. De gloeidraad fungeert dus als voorschakelbelasting van de ontladingslamp. Een menglichtlamp geeft door zijn constructie niet alleen ultraviolette straling af maar ook licht en infrarode straling in een zodanige samenstelling dat het zonlicht wordt benaderd.

 

LED lampen

Light Emitting Diodes, waar LED de afkorting van is, werken volgens het principe van elektroluminescentie. Een halfgeleider straalt licht uit als er elektriciteit doorheen gaat. Door de bundeling van vele LED's leveren ze veel licht. Hierdoor kan er een groot onderling verschil bestaan in het aantal lumen dat een LED per Watt levert.

De ontwikkelingen op dit gebied volgden elkaar snel op, vanwege het aantal belangrijke pluspunten die LED's hebben ten opzichte van de hierboven genoemde lichtbronnen. LED's hebben een lange levensduur, een snelle reactietijd, het energiebesparend vermogen en ze hebben geen kleurfilters nodig. LED's worden al veelvuldig door de industrie toegepast, modellen voor consumenten zijn in ontwikkeling.
 
Overzicht lampsoorten per ruimtefunctie

 
PVC dak 
Superhogedruk gasontladingslampen bij startbanen

 

Functie  Lampsoorten 
Woning spaarlamp, halogeenverlichting, LED-verlichting 
School TLD, TLD HF, spaarlamp, halogeenverlichting, LED-verlichting  
Kantoor TLD, TLD HF, spaarlamp, halogeenverlichting, LED-verlichting   
Winkel  spaarlamp, halogeenverlichting, LED-verlichting  
Restaurant, café  spaarlamp, halogeenverlichting, LED-verlichting   
Ziekenhuis  TLD, TLD HF, spaarlamp, halogeenverlichting, LED-verlichting    
Fabriek  natriumlampen, kwiklampen  
Buitenverlichting natriumlampen, kwiklampen 
SOORTEN ARMATUREN 

In elke armatuursoort wordt gewerkt met reflectoren en afschermingen om het licht te sturen dan wel af te schermen. Met het wel of niet gebruiken van deze onderdelen ontstaan er 4 lichtverdelingen: rondom stralend, direct stralend, indirect stralend en gemengd stralend. Deze lichtverdelingen zijn in veel armatuursoorten mogelijk.

 
REFLECTOREN
De reflector in een lamp stuurt de lichtbundel gericht naar de juiste plaats. Wel is het daarbij van belang met lampen te werken die rondom verlichting geven en niet zelf een reflector hebben. Reflectoren onderscheiden zich in symmetrische en assymmetrische reflectoren, waarbij de symmetrische vooral ingezet worden als horizontale vlakken belicht moeten worden en de assymmetrische reflectoren voor verticale vlakken.

 
AFSCHERMINGEN
Om ervoor te zorgen dat lampen niet verblinden wordt er afscherming gebruikt. De lampkap kan worden afgesloten met een prismakap, helder of opaal, maasrooster, lamellenrooster of spiegelrooster. Naast het afschermen kan het licht hiermee ook verstrooid worden en een bredere lichtbundel opleveren.

 
INBOUW
Downlight
In kleine en grote maten zijn downlights, oftwel inbouwspots of spotlights, verkrijgbaar. Kleinere downlights werken met halogeenverlichting, spaarlampen of met LED, in grotere downlights passen ook gasontstekingslampen. Kleine inbouw downlights met direct stralende lichtbundel kunnen als sfeerverlichting en accentverlichting worden toegepast. Grote downlights met een gemend stralende lichtbundel lenen zich voor basisverlichting en werkverlichting. 

 
Koofverlichting
In koven wordt verlichting weggewerkt. Lichtslangen kunnen goed weggewerkt worden en geven over de gehele lengte van de koof dezelfde hoeveelheid licht af. Lichtslangen kunnen ook gebruikt worden in een koof die langs trappen als balustrade wordt gebruikt. Downlights zijn ook als koofverlichting te gebruiken, zowel zichtbaar als onzichtbaar, waarbij de koof juist dient om voldoend inbouwhoogte te krijgen voor inbouwspots. Koofverlichting met zijn indirect stralende lichtbundel dient voornamelijk als sfeerverlichting.

 
TLD, TLD HF
TL armaturen zijn voor inbouw verkrijgbaar, waarbij de gangbare afmetingen passen in modules van verlaagde plafonds. TL armaturen lenen zich met direct stralende lichtbundel voor basisverlichting en werkverlichting.  

 
OPBOUW
Downlight
In kleine en grote maten zijn downlights voor opbouw verkrijgbaar. Kleinere downlights werken met halogeenverlichting, spaarlampen of met LED, in grotere downlights passen ook gasontstekingslampen. Kleine opbouw downlights met direct stralende lichtbundel kunnen als sfeerverlichting en accentverlichting worden toegepast. Ook kunnen deze in een lichtrail geklikt worden. Grote downlights met een gemend stralende lichtbundel lenen zich voor basisverlichting en werkverlichting.

 
TLD, TLD HF
TL armaturen zijn ook voor opbouw verkrijgbaar. Ze kunnen strak tegen het plafond gemonteerd worden, maar ook aan pendels hangen. TL armaturen lenen zich met direct stralende lichtbundel voor basisverlichting en werkverlichting.  

 

Pendelarmaturen
Hangende lampen worden pendelarmaturen genoemd en zijn geschikt voor werkverlichting en basisverlichting. Vaak hebben ze een gemengd stralende lichtverdeling.

  
Plafondarmaturen
Naast opbouw downlights met hun smalle gerichte lichtbundel, onderscheiden zich plafondlampen die een brede lichtbundel hebben. De vormen en afmetingen varieëren enorm. Plafondlampen zijn geschikt voor basisverlichting, werkverlichting en sfeerverlichting.

 
Staande armaturen 
Het is mogelijk om in kantoormeubilair staande lampen te integreren, als ze een een gemengd stralende lichtbundel hebben. In staande lampen kan halogeenverlichting gebruikt worden, maar ook spaarlampen en LED verlichting. Los zijn ze ook inzetbaar met indirect of gemengd stralende lichtbundel als sfeerverlichting.  

 
Wandarmaturen
Armaturen die tegen wanden worden gemonteerd leveren doorgaans een bijdrage aan de sfeerverlichting, met een gemengd stralende lichtbundel. In wandarmaturen kan halogeenverlichting gebruikt worden, maar ook spaarlampen en LED verlichting

VERLICHTING IN HET NIEUWS 

Plastic 'lamp' op zonne-energie
In ontwikkelingslanden zijn ‘lampen’ ontwikkeld die geen stroom verbruiken, maar wel een heel huis kunnen verlichten. Er worden daar vaak huizen heel dicht op elkaar gebouwd, die ook nog eens geen ramen hebben. Gezinnen zijn dan ook dag en nacht afhankelijk van lampen. Een innovatief project verandert dat en brengt licht in de duisternis met behulp van plastic flesjes.


De flesjes worden gevuld met water en in het dak geplaatst. Wanneer de zon er doorheen schijnt, leveren de flesjes ongeveer evenveel licht als een gloeilamp van 60 watt. Het enige nadeel is dat de inwoners er natuurlijk niets aan hebben als de zon niet schijnt. Maar daar kunnen de mensen die de flesjes in hun dak lieten zetten niet mee zitten. Overdag hoeven ze in ieder geval geen dure gloeilampen meer aan te hebben.

 
Tata werkt aan warme, lichtgevende wand
Onderzoekers van Tata Steel en de Britse Universiteit van Swansea werken aan wanden die warmte en licht genereren.

 
Ledverlichting loont steeds meer
De toepassing van professionele ledverlichting in de industrie, parkeergarages en tunnels in toenemende mate lonend.

 
Verlichtingsconcept Pay per lux
‘Pay per lux’ is als proef opgestart, waarbij de gebruiker alleen voor de werkelijk verbruikte hoeveelheid licht betaalt en geen eigenaar van de verlichtingsinstallatie zelf is. Het kantoor van architectenbureau RAU in Amsterdam wordt op basis van dit nieuwe dienstverleningsconcept verlicht.

 
Kennisbank NEN 3140
Met de nieuwe online Kennisbank NEN 3140 biedt Installatie Journaal iedereen die betrokken is bij het ontwerpen, aanleggen, inspecteren of onderhouden van elektrische laagspanningsinstallaties en arbeidsmiddelen deskundige en onafhankelijke vakinformatie die het werkproces vergemakkelijken. In de introductieperiode krijgen nieuwe abonnees het boek ‘HANDLEIDING NEN 3140 - Bedrijfsvoering van elektrische laagspanningsinstallaties’ van Nico Kluwen cadeau.

 
Kennisbank NEN 3140 biedt naast informatievoorziening veel voorbeelden uit de praktijk, informatie over metingen, handige tools checklists en tabellen. Door middel van een eigen dossier kunnen abonnees notities voor eigen gebruik opslaan. Daarnaast besteedt Kennisbank NEN 3140 aandacht aan veiligheidsrisico’s en het voorkomen van uitval. Handig, praktisch, altijd actueel én... de eerste maand gratis. 

A-B-C in VERLICHTING 

K 
Kleurtemperatuur:
staat voor de temperatuur dat ijzer heeft, dat door verhitting licht geeft, uitgedrukt in kelvin.

 
L 
Lichtstroom: 
Φ, lichtstroom van een lichtbron in lm/Watt. 
 
 
Lichtsterkte: I, is de in een bepaalde richting uitgestraalde lichtstroom en wordt in candela, cd, uitgedrukt.  

 
V 
Verlichtingssterkte: 
E wordt in lux uitgedrukt en is de relatie tussen lichtsterkte en verlichtingssterkte wordt bepaald door de afstand tot het te verlichten voorwerp of het oppervlak.

Producten

Signalering en noodverlichting

Signalering en noodverlichting zijn belangrijk voor de veiligheid in ...

Lees verder

Verlichte vlaggenmasten

Met verlichte vlaggenmasten is een bedrijf dag en nacht goed zichtbaar. Li...

Lees verder

Combi Rail Pro Light, gecombineerd ophangsysteem én verlichtingssysteem voor posters en schilderijen

Combi Rail Pro Light biedt de ultieme manier van presenteren: een subtiel ...

Lees verder

Glas en licht smelt samen tot Glassiled

Het product Glassiled steunt op de verwerking van LED-lampjes tussen twee ...

Lees verder
Marioni, verlichting, armaturen

Marioni Verlichting

Marioni is een Italiaanse fabrikant van lampen. Door eigen productie zijn ...

Lees verder

WKE Functiebehoud aftakdozen

Spelsberg heeft in de loop der jaren een zeer omvangrijke lij...

Lees verder
Aftakdozen Abox Ex

Aftakdozen Abox Ex

De Abox Ex is gebaseerd op de Abox-serie. Dat betekent dat al...

Lees verder

Céliane en Mosaic: universele LED dimmers van Legrand (bekijk ook de video)

De universele 8 – 300 W dimmer van Legrand is een dimmer speciaal voor d...

Lees verder
IBTronic

IBTronic

De nieuwe universele behuizingssytemen IBTronic en IBTronic-T...

Lees verder

Gira F100 schakelmateriaal voor elektrische installaties, geschikt voor gebouwbeheerstoepassingen

Gira F 100 schakelmateriaal voor elektrische installaties. Het programma o...

Lees verder

Leveranciers

Vermelding van uw bedrijf op deze themapagina?

Hier uw exclusieve bedrijfsvermelding, bannering op deze themapagina en vaste productvermelding. Interesse?

...

Lees verder

Projecten